Neem direct contact op: 06 - 45 49 48 23
Weblog

In deze serie blogs onderzoek ik het thema Authentiek Leiderschap voor de publieke zaak. Door interviews in de publieke sector en studie van onderzoeken en literatuur probeer ik het onderwerp te duiden. De blogs bouwen op van persoonlijke groei naar leiderschap. De leider moet eerst zichzelf begrijpen voor hij anderen kan inspireren. Reacties zijn van harte welkom. In dit tweede deel ga ik nader in op de werking van ons Ego. 

Het Ego kiest hoe we ons verhouden ten opzichte van onze omgeving. Omdat ons Zelf onveranderlijk is, zorgt het Ego ervoor dat we kunnen omgaan met verschillende omstandigheden. Het Ego wordt gevoed door angst en daarom is het hoofddoel van het Ego veiligheid.

Het Ego ontwikkelt hier een scala aan strategieën voor. Het ontwikkelen van strategieën is een proces van try-and-error. Wat niet werkt wordt losgelaten en strategieën die wel werken worden behouden, versterkt en verfijnd. Dit leidt tot voorkeurspatronen in ons gedrag.

Twee hoofdstijlen

De strategieën die het Ego ontwikkelt zijn defensieve strategieën omdat het doel van deze strategieën altijd veiligheid is. Veiligheid kan op twee manieren worden bereikt. De eerste manier is deel uitmaken van een groep. Zeker in de oertijd was dit heel effectief. Hoe groter de groep, hoe kleiner de kans dat je werd opgegeten door een roofdier. De kudde biedt letterlijk bescherming en voor veel dieren geldt dat natuurlijk nog steeds. En ook voor de moderne mens geldt dat ergens bijhoren geborgenheid en veiligheid biedt. Het individu moet zich, om erbij te horen, aanpassen aan de wetten van de groep en zorgen dat de groepsleden hem accepteren. 

Jezelf onzichtbaar maken of verstoppen zou je als een aparte strategie kunnen zien. Maar ook deze strategie is mensgericht. Deze eerste groep stijlen kenmerkt zich door het zoeken van bescherming bij mensen. Het zijn zelfbeschermende stijlen en noemen we passief defensieve stijlen. 

De tweede manier om veiligheid te creëren is het beheersen van je omgeving. Je controleert strikt wat er  in je naaste omgeving gebeurt en je bestrijdt het gevaar. In de natuur is dit bijvoorbeeld het beschermen van je territorium. Hiervoor moet het individu alert zijn en over het vermogen beschikken om gevaren te elimineren. Het bestrijden van gevaar kan door het op afstand te houden, door het te ontkrachten of door het te elimineren. Het beschadigen van het imago van je concurrent is een voorbeeld van het ontkrachten van een persoon die risico’s met zich meebrengt.

Deze tweede groep strategieën kenmerkt zich door controle, bestrijding en beheersing ten behoeve van het eigenbelang. Het zijn zelfbegunstigende stijlen en noemen we agressief defensieve stijlen. 

Het gevoel van onveiligheid kan dus op twee manieren worden opgelost: door onderdeel te worden van een groep die bescherming biedt of door de omgeving te bewaken en gevaren te bestrijden. Beide hoofdgroepen zijn verder onder te verdelen, maar dat laat ik nu achterwege. Mensen kiezen altijd een verfijnde mix van stijlen. Agressie komt in  verschillende gemeenschappen voor, wat een mix is van beide hoofdstijlen. De pester gebruikt agressieve stijlen om uiteindelijk acceptatie en aanzien te krijgen, wat ook een mix van strategieën is. 

Voorkeurgedrag

Over het algemeen gebruiken mensen in dezelfde omstandigheid ongeveer dezelfde mix van strategieën. Dat gebeurt in 95% van de situaties onbewust. En als een bepaalde aanpak werkt, waarom zou je die dan veranderen?

Mensen kunnen veranderen van stijl als iets niet meer werkt. Als mensen zich niet meer beschermd voelen in een sociale context kan dat omslaan in agressie tegen diezelfde groep. En andersom komt ook voor.

Status en zelfbeeld

Het Ego bedient zich van een statusgevoel, gevoed door overtuigingen. Het statusgevoel is nodig om strategieën werkbaar en uitvoerbaar te maken. De passief defensieve stijlen kennen een laag statusgevoel en de agressief defensieve stijlen kennen een hoog status gevoel. Een laag statusgevoel helpt mensen om zich aan te passen en het vertrouwen in anderen groter te maken dan het vertrouwen in zichzelf. Een hoog statusgevoel helpt mensen om zichzelf hoger te waarderen dan anderen die je misschien wel moet bestrijden voor je eigen veiligheid.  

Status hebben we ook nodig bij het afwegen of onze strategieën succesvol zijn. Dit doen we vaak door het vergelijken van onszelf met anderen en dan ontstaat er vanzelf een groep mensen die onder je staat en een groep die boven je staat. En als je daar tevreden mee bent werkt je strategie.

De hoge en lage status zijn keerzijden van dezelfde medaille. Het statusgevoel hangt nauw samen met je zelfbeeld. Hoe we een hoge of lage status waarderen is o.a. afhankelijk van je opvoeding en de cultuur waarin je opgroeit. Zelfbeeld en status zijn constructen van het Ego die geen andere voedingsbodem hebben dan angst en bedoeld zijn om veiligheid te creëren. Het Ego doet er alles aan om het zelfbeeld in stand te houden. 

Emoties

Liefde en angst zijn de basisemoties van het essentiële Zelf. Het Zelf voedt het Ego met angst. Hoe groter de angst, hoe dominanter het Ego wordt. Alle andere emoties werken op het niveau van het Ego en helpen succesvolle strategieën te ontwikkelen. Emoties geven richting aan ons handelen. Zo past bijvoorbeeld minachting bij een hoge status en hiermee kijken we op onze concurrenten neer. Schaamte behoedt ons om onze tekorten te tonen en te worden afgewezen in een groep. 

Verslaafd aan succes

In deel 1 van de blogserie zagen we al dat wanneer het Ego succesvol is, de balans kan doorslaan. Het Ego neemt de regie over en we identificeren ons met het succes. We denken dat we ons Ego zijn. Dat gebeurt bij zowel agressief-defensieve stijlen als passief-defensieve stijlen. Het essentiële Zelf sneeuwt onder en heeft geen verbinding meer met het Ego. We denken en gedragen ons niet zoals we ten diepste van binnen zijn. We ontwikkelen lichamelijke klachten en we verliezen energie. Soms raken we verslaafd. Als de verbroken verbinding chronisch is, ontstaat er flinke stress en kunnen we zelfs ernstig ziek worden.

En intussen vertelt Het Ego ons dat we fantastisch bezig zijn en draait ons een rad voor ogen. Je hebt succes maar voelt stress en spanning. Je kunt er echter geen vinger op leggen. Het paradoxale is dat het Ego onze troubleshooter is maar nu de veroorzaker van onze problemen is geworden. Dat is een écht probleem!

Gelukkig belanden we niet allemaal in dit stadium. Tijdige zelfreflectie en bijsturing kunnen je prima in balans houden. Dat Ego moet gewoon zijn werk blijven doen. Het mag alleen niet de controle en sturing overnemen. 

Zelfinzicht en bewuste keuzes houden je leven in balans. Veel angsten zijn irreëel. Je bent veel vaker bang dan nodig is. ‘Heb de moed om bang te zijn’ zeg ik wel eens, en dan zie je dat veel angsten niet reëel zijn. Dat geeft een enorme keuzevrijheid!

0